Jantje de Prentenknipper’ 1798-1870                                                                                                                                

 

In de vorige eeuw zwierf een misvormd mannetje langs de deuren. Hij droeg een platte pet van glanzende zijde, met lintjes, een klein knoopje en een glimmende klep en sprak met een Zuid-Bevelandse tongval.

Voor een paar centen verkocht hij zijn zelfgemaakte bijbelprentjes. Zo nu en dan verschafte een landbouwer hem onderdak. Jan sliep dan in de schuur en mocht aan de keukentafel aanschuiven. In ruil maakte hij dan een hofstedeprent, met rondom de boerderij afbeeldingen van het werk op het land. Jan zwierf op Zuid-Beveland en op Walcheren, door Zeeuws-Vlaanderen en Tholen. Zijn bijbel- en boerderijprenten worden nu nog door particulieren bewaard en een deel vond z’n weg naar musea.

 

In de Nederlandse volkskunst valt het werk van Jan de Prentenknipper op door zijn bekoorlijke naïviteit en allure. De prenten zijn kinderlijk eenvoudig maar met een grote zeggingskracht. In de loop der jaren heeft menigeen geprobeerd hem in stijl na te bootsen, maar zonder succes; de imitaties zijn hekenbaar als flauwe aftreksels.

 

Wie was Jan? Een eeuw na zijn rondzwervingen, kon men slechts gissen wie hij was. Men beweerde dat hij een gevallen dominee of een rietdekker was. Ondanks alle naspeuringen bleef het onbekend waar hij geboren was, hoe hij werkelijk heette en wat zijn levensverhaal was. Pas in 1985 werd het mysterie ontrafeld door de vondst van een overlijdensadvertentie uit 1870 in het Volksdagblad Goes. Jan de Prentenknipper was Jan Huiszoon, geboren in Colijnsplaat in 1798 en overleden in Goes in 1870. Na betrokken te zijn geweest bij een inbraak werd hij veroordeeld tot twee jaar tuchthuisstraf. Daarna kwam hij terecht in Zeeuws-Vlaanderen waar hij in de Belgische Constantia de Pree, een levensgezellin vond. Ze trouwden niet, maar kregen wel acht kinderen, waarvan de meesten op jonge leeftijd zijn overleden.

Deels levend van de bedeling, deels van de magere opbrengst van Jan’s knipkunst, verkeerden ze in bittere armoede. Nog maar 36 jaar oud, overleed in 1841 Constantia. Jan trouwde daarna nog driemaal met een weduwe.                                       

 

>home<

                                                                     


                                     < Stichting Westerschouwen Kultureel  >< © swk0207>  webmaster